Bonushoofdstuk: Demissionair kabinet en toename van bevoegdheden

Cartoonachtige afbeelding van een demissionair kabinet als chaotisch circus, waarin politici wetten, geld en macht jongleren.
Wanneer de macht demissionair is, maar de bevoegdheden in volle galop doorgaan — welkom in het bestuurlijke circus.

B.1 Inleiding

Wanneer een kabinet zijn ontslag aanbiedt en demissionair wordt, verliest het formeel zijn politieke mandaat. De verwachting is dat het kabinet zich in deze periode beperkt tot lopende zaken. Toch is in recente jaren gebleken dat demissionaire kabinetten juist verstrekkende besluiten kunnen nemen — tot het aangaan van internationale verplichtingen en het implementeren van ingrijpende maatregelen. Dit hoofdstuk onderzoekt hoe dit mogelijk is en wat de juridische implicaties zijn.

B.2 Juridische status van een demissionair kabinet

Een demissionair kabinet is technisch gezien niet ontslagen, maar heeft zijn ontslag aangeboden en is verzocht aan te blijven totdat een nieuw kabinet is gevormd. Deze fase kan maanden duren. Juridisch is er geen formele bepaling die expliciet begrenst wat een demissionair kabinet wel of niet mag doen. In de praktijk is er slechts sprake van een ongeschreven staatsrechtelijk gebruik: het principe van terughoudendheid.

B.3 Uitzonderingen op terughoudendheid

Demissionaire kabinetten hebben in de praktijk wél besluiten genomen die verstrekkende gevolgen hebben. Zij kunnen:

  • Wetsvoorstellen indienen en bekrachtigen
  • Begrotingen opstellen
  • Internationale verdragen ondertekenen
  • Grootschalige financiële verplichtingen aangaan

Hoewel dit politiek gevoelig ligt, is het juridisch toegestaan zolang het parlement de voorstellen steunt. Dit betekent dat een demissionair kabinet in de praktijk evenveel, en soms zelfs meer ruimte krijgt om te handelen dan een missionair kabinet — zeker wanneer politieke tegenmacht ontbreekt.

B.4 Internationale verplichtingen en staatsrechtelijke risico’s

In situaties zoals de coronacrisis zien we dat juist in demissionaire perioden belangrijke internationale verklaringen zijn ondertekend of financiële toezeggingen zijn gedaan aan supranationale instellingen. Zonder directe politieke verantwoording en met weinig publieke controle kunnen deze handelingen grote gevolgen hebben, terwijl zij feitelijk buiten het bereik van parlementaire correctie vallen.

B.5 Gevolgen van beperkte juridische afdwinging bij WOO-verzoeken

Een ander opvallend aspect is het beperkte juridisch instrumentarium bij het afdwingen van openbaarheid via de Wet open overheid (WOO). Wanneer ministers weigeren documenten openbaar te maken, zoals in het geval van minister Hugo de Jonge, kan de rechter slechts een dwangsom opleggen. In dit specifieke geval was dat 130 euro per dag. Echter, deze boetes worden betaald uit belastinggeld — waardoor de burger in feite zelf betaalt voor het verzwijgen van informatie die juist in het publieke belang zou moeten worden gedeeld. Dit ondermijnt het principe van transparantie en versterkt het wantrouwen in de overheid.

B.6 Datalek GGD en medische dataverwerking in crisistijd

In het begin van de coronacrisis, voordat vaccinaties werden toegediend, ontvingen de GGD’en persoonsgegevens van miljoenen Nederlanders met als doel hen aan te schrijven voor deelname aan de vaccinatiecampagne. Deze database werd echter in dezelfde week gekraakt door een externe, privaatrechtelijke partij.

Volgens de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) is de GGD, als verwerkingsverantwoordelijke, verplicht om een datalek binnen 72 uur te melden bij de Autoriteit Persoonsgegevens. Dit is in deze zaak ook gebeurd. Echter, de consequentie van deze hack is dat gevoelige gegevens – waaronder medische gegevens – in handen zijn gekomen van een niet-geautoriseerde derde partij. Daarmee is de controle over deze data feitelijk verloren gegaan.

Ondanks deze inbreuk bleef de GGD opereren onder een publiekrechtelijk mandaat, en werd zij binnen het publiek-private samenwerkingsmodel beschermd tegen vervolging. Tegelijkertijd kregen burgers die bezwaar wilden maken tegen opname in deze database slechts die mogelijkheid indien zij zich eerst identificeerden met een paspoort. Dit zogeheten opt-out-systeem staat haaks op de AVG, die expliciet vereist dat verwerking van medische persoonsgegevens alleen mag plaatsvinden na expliciete toestemming — tenzij sprake is van een duidelijke wettelijke grondslag, wat in dit geval betwistbaar is.

Tijdens de crisis werd dit gelegitimeerd door te verwijzen naar de ‘emergency use’-bepalingen, maar deze uitzonderingen mogen grondrechten alleen tijdelijk en doelgericht beperken. De inzet van QR-codes en digitale dossiers als toegangscontrole op basis van deze data vertegenwoordigt een diepgaande inbreuk op het recht op privacy en lichamelijke integriteit.

B.7 Conclusie

De status van een demissionair kabinet is staatsrechtelijk ambigu: er zijn geen duidelijke grenzen, maar wel veel macht. In theorie is deze periode bedoeld voor bestuurlijke rust en het voorbereiden van overdracht. In praktijk blijkt het een juridisch grijs gebied waarin belangrijke besluiten worden genomen zonder het volle mandaat van het volk. Gecombineerd met de beperkte afdwingbaarheid van transparantieverplichtingen onder de WOO, en datalekken zoals bij de GGD, leidt dit tot een zorgwekkende erosie van controle, verantwoording en openbaarheid binnen het democratische bestel.

Plaats een reactie

Uw reactie is welkom. Houd uw bijdrage inhoudelijk, respectvol en relevant voor het onderwerp.

Toegestane opmaak: vet, cursief, links, citaten en lijsten. HTML wordt beperkt gefilterd.

Door een reactie te plaatsen gaat u ermee akkoord dat uw naam, reactie en eventuele website zichtbaar kunnen worden bij dit bericht. Reacties kunnen worden gemodereerd volgens onze richtlijnen.

Scroll naar boven