πŸ“˜ Artikel 258 BW – Hoe lang duurt een ondertoezichtstelling?

Als de kinderrechter een ondertoezichtstelling (OTS) uitspreekt, dan is dat altijd tijdelijk.
Volgens Artikel 258 van het Burgerlijk Wetboek geldt:

β€œDe duur van de ondertoezichtstelling is, behoudens verlenging als bedoeld in artikel 1:260 BW, ten hoogste één jaar.”

πŸ”Ή Wat betekent dit?

βœ”οΈ Een OTS geldt maximaal 12 maanden
βœ”οΈ Na dat jaar moet er een nieuwe beoordeling plaatsvinden
βœ”οΈ De maatregel stopt dus niet automatisch – maar mag ook niet eindeloos doorlopen zonder toetsing

πŸ•“ Let op: voorlopige OTS telt niet mee

Als er vΓ³Γ³r de officiΓ«le OTS een voorlopige ondertoezichtstelling (vOTS) is uitgesproken (zie artikel 257 BW), dan telt die periode niet mee in het jaar dat met de officiΓ«le OTS start.

Bijvoorbeeld:

  • vOTS van 2 maanden β†’ daarna OTS van 12 maanden
  • Samen 14 maanden onder toezicht, maar juridisch correct

🧠 Wat kun jij hiermee als ouder?

πŸ“Œ Noteer de startdatum van de OTS
πŸ“Œ Vraag ruim vΓ³Γ³r afloop of er een verlengingsverzoek komt
πŸ“Œ Beroep je op je recht om evaluatie en beΓ«indiging aan te vragen (artikel 261 BW)

Want hoewel een OTS bedoeld is als tijdelijke steunmaatregel, blijft die vaak langer in stand als ouders niets doen. Jij kunt dat wΓ©l bewaken.


🎧 Samenvatting

– Een OTS duurt maximaal één jaar
– De periode van een voorlopige OTS telt daar niet in mee
– Na dat jaar moet de maatregel worden herzien of beΓ«indigd
– Jij mag vΓ³Γ³r die tijd zelf verzoeken om evaluatie of stopzetting

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar boven