Mondkapjes, nanomaterialen en de vraag die te laat kwam

Onderzoeksvraag: in hoeverre werd de consument tijdens en na de coronacrisis goed, eerlijk en begrijpelijk geïnformeerd over de samenstelling, werking, onzekerheden en mogelijke risico’s van mondkapjes — door fabrikanten, overheid, RIVM en onderzoeksinstituten?

Het mondkapje werd tijdens de coronacrisis in korte tijd een alledaags voorwerp. De publieke discussie ging vooral over besmettingsrisico, solidariteit, verplichting en effectiviteit. Veel minder zichtbaar was een andere vraag: wat droegen mensen eigenlijk urenlang vlak voor mond en neus? Niet ieder masker was hetzelfde. Niet ieder product viel onder hetzelfde juridische kader. En sommige maskers bevatten functionele toevoegingen of nanomaterialen, waaronder zilververbindingen en titaniumdioxide.

Deze longread is geen poging om achteraf te bewijzen dat mondkapjes “veilig” of “gevaarlijk” waren. De bronnen laten zo’n algemene conclusie niet toe. Het onderzoek richt zich op de informatieketen: wat was bekend, wat was onzeker, wat werd onderzocht, wie droeg verantwoordelijkheid en wat kon een gewone burger daarvan redelijkerwijs weten? Daarbij onderscheiden we consequent aanwezigheid, vrijkomen, blootstelling, dosis en gezondheidseffect. Wie die stappen samenvoegt, kan zowel te snel geruststellen als te snel alarmeren.

1. Wat droegen we eigenlijk?

Sciensano onderzocht in België zilverhoudende biociden en nanodeeltjes in mondmaskers. Het instituut vond verschillende vormen van zilver en rapporteerde ook titaniumdioxidedeeltjes. Het technische tussenrapport en het latere eindrapport maken tegelijk duidelijk dat het aantreffen van een stof nog niet hetzelfde is als aantonen hoeveel daarvan tijdens werkelijk dragen vrijkomt of wordt ingeademd. Ook de afzonderlijke wetenschappelijke analyse van titaniumdioxidedeeltjes in mondmaskers onderstreepte de behoefte aan verder blootstellingsonderzoek. [bron 1] [bron 2] [bron 5]

Het RIVM beschreef ondertussen dat niet-medische mondkapjes nanomaterialen konden bevatten, bijvoorbeeld van zilver, koper, zink en grafeen. Het instituut schreef dat nauwelijks wetenschappelijk bewijs bestond voor sommige geclaimde positieve effecten en dat niet bekend was of nanomaterialen tijdens gebruik uit het product vrijkwamen. De vraag naar veiligheid bleef daarmee open. [bron 12]

Dat is precies waarom transparantie over samenstelling relevant wordt. Een consument hoeft geen toxicoloog te zijn om te mogen weten dat een product functionele chemische toevoegingen bevat. Tegelijk moet een etiket niet suggereren dat de aanwezigheid van een stof automatisch gezondheidsschade betekent.

Enquêtevraag: Hoe belangrijk vindt u het dat op de verpakking van een mondkapje duidelijk staat vermeld wanneer nanomaterialen of andere functionele chemische stoffen zijn toegepast?

2. Een etiket is nog geen uitleg

Een stoffennaam op een verpakking is nog geen risicobeoordeling. Bij nanomaterialen zijn vorm, grootte, lokalisatie in of op de vezel, oplosbaarheid, slijtage, vocht, gebruiksduur en de daadwerkelijke blootstellingsroute relevant. Dat maakt eenvoudige communicatie lastig, maar niet onmogelijk.

Het RIVM maakte in 2021 expliciet dat er te weinig informatie beschikbaar was om de chemische veiligheid van bepaalde consumentenmaskers met toevoegingen als nanozilver, nanokoper, titaniumdioxide of grafeen betrouwbaar te beoordelen. [bron 13] Sciensano koos daarom voor conservatieve beoordelingsmethoden die maskers konden onderscheiden die op basis van het totale zilvergehalte intrinsiek veilig konden worden geacht van maskers waarvoor een uitgebreidere beoordeling nodig bleef. [bron 3]

Die aanpak zegt iets belangrijks over eerlijke communicatie: “niet bewezen schadelijk” is niet hetzelfde als “bewezen veilig”. Andersom is onzekerheid evenmin bewijs dat schade daadwerkelijk optreedt.

Enquêtevraag: Hoe uitgebreid zou informatie over toegevoegde chemische stoffen of nanomaterialen voor consumenten beschikbaar moeten zijn?

3. CE is geen magisch veiligheidsstempel

In het historische RVO-document uit de eigen bronnenbundel werd CE-markering uitgelegd als een verklaring van de fabrikant dat het product voldoet aan de toepasselijke Europese eisen. De huidige RVO-pagina formuleert nog explicieter dat CE geen keurmerk of algemene veiligheidsgarantie is, maar een conformiteitsteken. [bron 14]

Voor persoonlijke beschermingsmiddelen bevat Verordening (EU) 2016/425 eisen voor ontwerp, vervaardiging, conformiteit en gebruikersinformatie. [bron 16] Voor behandelde artikelen met biocidale werkzame stoffen is daarnaast de Biocidenverordening relevant; artikel 58 bevat onder voorwaarden specifieke etiketteringsinformatie, waaronder de naam van nanomaterialen gevolgd door “nano”. [bron 17]

Maar mondkapjes vielen niet allemaal in dezelfde juridische categorie. Een niet-medisch consumentenmondkapje, een chirurgisch masker als medisch hulpmiddel en een FFP-ademhalingsbeschermingsmiddel zijn niet automatisch hetzelfde product. Daarom moet een beoordeling steeds beginnen bij de concrete productclaim en classificatie.

Enquêtevraag: Wie zou volgens u primair verantwoordelijk moeten zijn voor begrijpelijke informatie over functionele stoffen en nanomaterialen in een consumentenproduct?

4. Wat wist de gebruiker?

Een belangrijk verschil loopt door dit dossier: informatie kan openbaar zijn zonder werkelijk toegankelijk te zijn. De historische RIVM-pagina over nanomaterialen was publiek vindbaar, maar stond diep in specialistische informatie over nanotechnologie. De Sciensano-rapporten waren technisch en Engelstalig. Europese productregels vergen juridische kennis. Een doorsnee consument moest dus zelf verschillende werelden aan elkaar knopen.

De eigen archiefbundel laat bovendien zien dat relevante informatie verspreid was over ten minste zes verschillende documenten: Sciensano/AgMask, RVO over CE-markering, Arboportaal over persoonlijke beschermingsmiddelen, het RIVM over nanomaterialen in niet-medische mondkapjes, het veiligheidsinformatieblad van GAMMA Verfreiniger 507661 en de Open Universiteit over eisen aan onderzoek met menselijke deelnemers. Die zes bronnen hebben niet dezelfde juridische status, maar samen illustreren zij de informatie-asymmetrie. [bron 1] [bron 14] [bron 15] [bron 12] [bron 20] [bron 18]

Ook de publieke berichtgeving was versnipperd. Consumentenorganisaties en nieuwsmedia brachten verschillende onderdelen van het dossier onder de aandacht: de Avrox-maskers, gelekte of voorlopige onderzoeksbevindingen, voorzorg rond mogelijke schadelijkheid en in Nederland de discussie over grafeen in een deel van de ingekochte mondkapjes. Deze bronnen zijn geen vervanging voor primaire wetenschap, maar laten wel zien welke informatie burgers via de publieke nieuwslaag konden tegenkomen. [bron 7] [bron 8] [bron 9] [bron 10] [bron 11]

De vraag wordt dan niet alleen: kon iemand het vinden? Maar ook: kon iemand het begrijpen voordat of terwijl het gebruik werd verlangd?

Enquêtevraag: Wanneer relevante veiligheidsinformatie technisch openbaar is, maar voor de gemiddelde gebruiker moeilijk vindbaar of begrijpelijk blijft, vindt u die informatievoorziening dan voldoende?

5. Onzekerheid communiceren

Een crisis dwingt bestuurders soms te handelen voordat iedere wetenschappelijke vraag is opgelost. Dat is op zichzelf niet uitzonderlijk. Juist dan wordt risicocommunicatie belangrijk: wat weten we redelijk zeker, wat vermoeden we, wat weten we nog niet en waarom kiezen we ondanks die onzekerheid toch voor een maatregel?

De historische RIVM-tekst zei expliciet dat het instituut niet met zekerheid kon zeggen of niet-medische mondkapjes met nanomaterialen veilig waren voor mens en milieu. [bron 12] Sciensano benadrukte dat directe meting van vrijgave en inhalatie tijdens normaal dragen methodologisch moeilijk was. Latere studies onderzochten alternatieve manieren om afgifte van zilver en titanium te beoordelen. [bron 4]

Een overheid hoeft onzekerheid niet te verbergen om tot een besluit te kunnen komen. Integendeel: het benoemen van onzekerheid kan duidelijk maken waarop een besluit rust en onder welke omstandigheden dat besluit opnieuw moet worden beoordeeld.

Enquêtevraag: Hoe zou een overheid volgens u wetenschappelijke onzekerheid over veelgebruikte producten tijdens een gezondheidscrisis moeten communiceren?

6. Voorzorg zonder angst

Het voorzorgsbeginsel betekent niet dat ieder denkbaar gevaar als bewezen moet worden behandeld. Het betekent evenmin dat pas mag worden gehandeld wanneer schade onomstotelijk is aangetoond. Voorzorg vraagt om proportionaliteit: hoe plausibel is blootstelling, hoe ernstig kan een effect zijn, welke alternatieven bestaan en hoe belastend is een voorzorgsmaatregel?

Bij geavanceerde nanomaterialen gebruikt het RIVM ook in de arbeidscontext een voorzorgsbenadering, juist omdat gezondheidsrisico’s onzeker kunnen zijn. De blootstelling moet dan zo laag mogelijk blijven. Dat arbeidskundige kader kan niet één-op-één op elk consumentenmasker worden gelegd, maar het laat zien dat onzekerheid binnen risicobeheer op zichzelf een relevante factor is.

De centrale boodschap blijft daarom tweeledig: nanodeeltjes aantreffen is geen bewijs van schade; maar relevante onzekerheid over vrijgave of blootstelling is evenmin hetzelfde als een afgeronde veiligheidsbeoordeling.

Enquêtevraag: Welke rol zou het voorzorgsbeginsel volgens u moeten spelen wanneer een product op grote schaal wordt gebruikt terwijl over bepaalde materiaalrisico's nog relevante onzekerheid bestaat?

7. Van aanbeveling naar verantwoordelijkheid

Wanneer een burger vrijwillig een product kiest, ligt een deel van de informatieverantwoordelijkheid in de normale productketen. Wanneer een overheid of instelling een producttype actief aanbeveelt, inkoopt of verplicht stelt, wordt de governancevraag ingewikkelder. De overheid wordt daarmee niet automatisch fabrikant, maar haar rol in selectie, communicatie en monitoring wordt wel maatschappelijk relevanter.

Het Arboportaal benadrukt dat persoonlijke beschermingsmiddelen gebruikt, bewaard en onderhouden moeten worden volgens de instructies van de fabrikant en dat verantwoordelijkheden verdeeld kunnen zijn over fabrikant, werkgever en werknemer. [bron 15] Juist die verdeling maakt het belangrijk te voorkomen dat iedere schakel naar de andere wijst.

De crisis maakte die keten kwetsbaar: tekorten, snelle internationale inkoop, verschillende productcategorieën en veranderende adviezen. Dat vragen over zilver- en titaniumdioxidedeeltjes ook op Europees politiek niveau werden gesteld, blijkt uit een parlementaire vraag uit 2021. Een crisis vermindert de behoefte aan transparantie niet; zij vergroot die. [bron 21]

Enquêtevraag: Verandert volgens u de informatieverantwoordelijkheid van de overheid wanneer zij het gebruik van een bepaald type product actief aanbeveelt of verplicht stelt?

8. Onderzoek is geen rechtszaak

Onderzoek heeft geen schuldige nodig om betekenisvol te zijn. Het doel van deze reconstructie is daarom niet om met kennis van 2026 iemand uit 2020 of 2021 achteraf verantwoordelijk te verklaren voor alles wat later bekend werd. De relevante toets is steeds: welke kennis bestond op dat moment, welke onzekerheden waren herkenbaar en welke vervolgstappen waren redelijk?

De historische Q&A van de Open Universiteit over onderzoek met menselijke deelnemers is hiervoor geen wet en maakt maatschappelijk productgebruik niet automatisch tot een formeel experiment. De bron is relevant omdat zij laat zien waarom onderzoek vooraf methodologisch wordt ingericht: schade beperken, een valide onderzoeksvraag stellen, voldoende power organiseren en gegevens reproduceerbaar vastleggen. De actuele OU-informatie plaatst mensgebonden onderzoek bovendien binnen wetgeving, ethische toetsing en wetenschappelijke integriteit. [bron 18]

Daar ontstaat een ongemakkelijke parallel. Wanneer een product al massaal wordt gebruikt terwijl onderzoekers later nog moeten uitzoeken welke stoffen eruit kunnen vrijkomen, ontstaat wel nieuwe kennis uit maatschappelijke blootstelling, maar zonder dat miljoenen gebruikers als een systematisch onderzoekscohort zijn gevolgd. Daardoor kunnen langetermijnvragen juist moeilijker te beantwoorden zijn.

Enquêtevraag: Hoe belangrijk vindt u het dat bij grootschalig gebruik van relatief nieuwe materiaaltoepassingen systematisch wordt gevolgd wat er tijdens werkelijk gebruik gebeurt?

9. Het recht om geïnformeerd te kiezen

Het veiligheidsinformatieblad van GAMMA Verfreiniger 507661 is in deze bronnenbundel bewust als vergelijking opgenomen. Het laat zien hoe risico-informatie over een chemisch mengsel kan worden gestructureerd: gevaren, voorzorg, gebruik en blootstelling. [bron 19] [bron 20]

Dat betekent juridisch niet dat ieder mondkapje een identiek veiligheidsinformatieblad moest hebben. Stoffen, mengsels, behandelde artikelen, medische hulpmiddelen en PBM kennen verschillende regels. De vergelijking stelt een andere vraag: wanneer een product langdurig vlak voor de luchtwegen wordt gedragen, hoe eenvoudig moet het voor de gebruiker zijn om relevante informatie over functionele toevoegingen, mogelijke blootstelling en onzekerheid te vinden?

Een geïnformeerde keuze vraagt niet dat iedere burger toxicoloog wordt. Zij vraagt dat relevante informatie wordt vertaald naar een niveau waarop een burger de betekenis ervan kan begrijpen en zo nodig kan doorklikken naar het technische dossier.

Enquêtevraag: Welke informatie vindt u het belangrijkst om zelf een geïnformeerde keuze te kunnen maken over een product dat u langdurig dicht bij mond en neus gebruikt?

10. Wat leren we hiervan?

De historische en huidige bronnen laten geen eenvoudig complotverhaal zien, maar ook geen reden om tevreden te zijn met de mededeling dat informatie “ergens online stond”. De kernwaarschuwingen van het RIVM zijn nog steeds vindbaar. Sciensano heeft de kennisbasis verdiept. Ook latere wetenschappelijke reflectie bleef vragen stellen over de noodzaak en veiligheidsbeoordeling van titaniumdioxide-nanodeeltjes in mondmaskers. RVO formuleert CE tegenwoordig duidelijker als conformiteitsteken en niet als algemene veiligheidsgarantie. Tegelijk is het volledige verhaal versnipperd over productrecht, toxicologie, nanowetenschap, arbeidsveiligheid en publiekscommunicatie. [bron 6]

De governancevraag is daarom breder dan mondkapjes: hoe organiseren we tijdens een volgende crisis snelle besluitvorming zonder onzekerheid weg te communiceren? Hoe zorgen we dat post-market monitoring niet het excuus wordt om vooraf voorzienbare vragen te negeren? En hoe kan een burger zien wat bekend is, wat onbekend is en wie verantwoordelijk is voor het vervolg?

De antwoorden op deze survey worden gebruikt als maatschappelijke input voor een toekomstig positionpaper van Stichting De Kamer van Sociale Waarden over wat burgers van de overheid verwachten tijdens een crisis. Het voornemen is dit positionpaper aan te bieden aan het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. De survey is daarmee geen stemming over wie “gelijk” had, maar een inventarisatie van verwachtingen rond transparantie, voorzorg, onderzoek en publieke verantwoordelijkheid.

Enquêtevraag: Wat zou volgens u in een toekomstige gezondheidscrisis het belangrijkst moeten verbeteren om burgers beter te informeren over de samenstelling, werking en mogelijke onzekerheden van producten die op grote schaal worden aanbevolen?

Cover van het slotlied Wat Wij Van Morgen Vragen, over burgerstem, transparantie, onderzoek en vertrouwen
Wat Wij Van Morgen Vragen — het slotlied bij dit surveyblog. Eerst volgen de bronnen en referenties en de muzikale reflectie Wat Wisten We Toen?; daarna sluit de audioproductie af met dit lied.

Bronnen en referenties

De bronnenlijst combineert wetenschappelijke publicaties, institutionele en juridische bronnen, historische documenten uit de eigen archiefbundel en journalistieke berichtgeving. De zes eerder benoemde documenten — Sciensano/AgMask, RVO CE-markering, Arboportaal PBM, RIVM over nanomaterialen, GAMMA Verfreiniger 507661 en de Open Universiteit over mensgebonden onderzoek — zijn expliciet onderdeel van deze reconstructie.

  1. Sciensano — Intermediate report AgMask COVID-19 project (2022)
    https://www.sciensano.be/sites/default/files/intermediate_report_agmask_project_-_final_2022_public.pdf
    Relevantie: Technisch tussenrapport over typen, hoeveelheden en risicobeoordeling van zilverhoudende biociden in mondmaskers.
  2. Mast et al. — Application of silver-based biocides in face masks intended for general use requires regulatory control
    https://pmc.ncbi.nlm.nih.gov/articles/PMC9886386/
    Relevantie: Peer-reviewed studie naar zilvergehalte, vorm, lokalisatie en een conservatieve safe-by-design benadering.
  3. Montalvo et al. — Release of silver and titanium from face masks traded for the general population
    https://www.sciencedirect.com/science/article/pii/S0048969723042390
    Relevantie: Vervolgonderzoek naar mogelijke afgifte van zilver en titanium uit mondmaskers via een leaching-methode.
  4. Verleysen et al. — Titanium dioxide particles frequently present in face masks intended for general use require regulatory control
    https://www.nature.com/articles/s41598-022-06605-w
    Relevantie: Wetenschappelijke analyse van titaniumdioxidedeeltjes in verschillende mondmaskers en de noodzaak van verder blootstellingsonderzoek.
  5. Peer-reviewed review — Do We Need Titanium Dioxide Nanoparticles in Face Masks?
    https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/40278560/
    Relevantie: Latere wetenschappelijke reflectie op nut, blootstelling en toxicologische aandachtspunten rond titaniumdioxide in mondmaskers.
  6. Test Aankoop — Overheidsmaskers van de markt, maar is de rest wél veilig?
    https://www.test-aankoop.be/gezond/gezondheidszorg/preventie/nieuws/avrox-maskers
    Relevantie: Consumentenperspectief op de terugtrekking van Avrox-maskers en de roep om systematische kwaliteitscontrole.
  7. EURACTIV — Belgian government’s free face masks might be toxic
    https://www.euractiv.com/short_news/belgian-governments-free-face-masks-might-be-toxic/
    Relevantie: Laat zien hoe de eerste gelekte onderzoeksbevindingen in 2021 publiek werden vertaald.
  8. NOS — Sywert van Lienden verdiende flink aan import van mondkapjes
    https://nos.nl/artikel/2380819-sywert-van-lienden-verdiende-flink-aan-import-van-mondkapjes
    Relevantie: Bevat de Nederlandse discussie over grafeen in een deel van de mondkapjes en de beoordeling daarvan.
  9. RIVM — Zijn niet-medische mondkapjes met nanomaterialen veilig?
    https://www.rivm.nl/nanotechnologie/consumentenproducten/Zijn-niet-medische-mondkapjes-met-nanomaterialen-veilig
    Relevantie: Eén van de zes centrale historische documenten; beschrijft onzekerheid over vrijkomen, inhalatie en veiligheid van nanomaterialen.
  10. RIVM — Chemische veiligheid mondkapjes. Voortgangsrapportage
    https://www.rivm.nl/publicaties/chemische-veiligheid-mondkapjes
    Relevantie: Nederlandse voortgangsrapportage uit 2021 over chemische stoffen, nanozilver, nanokoper, titaniumdioxide en grafeen.
  11. Rijksdienst voor Ondernemend Nederland — CE-markering in de Europese Unie: regels en richtlijnen
    https://www.rvo.nl/onderwerpen/eu-wetgeving/ce-markering
    Relevantie: Actuele opvolger van het in 2023 afgedrukte RVO-document over CE-markering; legt fabrikantverantwoordelijkheid en conformiteit uit.
  12. Arboportaal — Gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen
    https://www.arboportaal.nl/onderwerpen/persoonlijke-beschermingsmiddelen/gebruik-van-persoonlijke-beschermingsmiddelen
    Relevantie: Eén van de zes centrale documenten; beschrijft gebruiksinstructies, informatieverplichtingen en verantwoordelijkheden bij PBM.
  13. Europese Unie — Verordening (EU) 2016/425 betreffende persoonlijke beschermingsmiddelen
    https://eur-lex.europa.eu/eli/reg/2016/425/2026-05-29/eng
    Relevantie: Primaire Europese rechtsbron voor ontwerp, vervaardiging, conformiteit en informatie bij PBM.
  14. Europese Unie — Verordening (EU) 528/2012 betreffende biociden
    https://eur-lex.europa.eu/eli/reg/2012/528/oj/eng
    Relevantie: Artikel 58 regelt behandelde voorwerpen en bevat informatieverplichtingen rond biocidale stoffen en nanomaterialen.
  15. Open Universiteit — Integriteit en ethische toetsing
    https://www.ou.nl/integriteit-en-ethische-toetsing
    Relevantie: Actuele institutionele context bij de historische OU-Q&A “Aan welke eisen moet onderzoek met menselijke deelnemers voldoen?”.
  16. GAMMA — GAMMA verfreiniger 500 ml — product 507661
    https://www.gamma.nl/assortiment/gamma-verfreiniger-500-ml/p/B507661
    Relevantie: Eén van de zes expliciete vergelijkingsdocumenten; laat zien hoe chemische gevaren en gebruiksinformatie bij een consumentenproduct worden ontsloten.
  17. GAMMA / historisch veiligheidsinformatieblad — Veiligheidsinformatieblad GAMMA Verfreiniger 507661, versie 2
    https://www.pearlpaint.nl/files/Mediapearl/VIB/Gamma/gamma_verfreiniger-versie-2-.pdf
    Relevantie: Historische SDS-versie uit 2015, gebruikt als vergelijking voor de structuur van chemische risicocommunicatie.
  18. Europees Parlement — Schadelijke stoffen in mondmaskers — parlementaire vraag E-001228/2021
    https://www.europarl.europa.eu/doceo/document/E-9-2021-001228_NL.html
    Relevantie: Laat zien dat veiligheidsvragen over zilver- en titaniumdioxidedeeltjes ook op Europees politiek niveau zijn gesteld.

Muzikale reflectie — Wat Wisten We Toen?

Na de bronnen en referenties volgt een muzikale tijdlijn over de ontwikkeling van de kennis tussen het AgMask-tussenrapport uit 2022 en het gezamenlijke TiO2Mask/AgMask-eindrapport uit 2023. Het uitgangspunt is chronologisch: latere kennis mag niet worden teruggeschreven alsof zij al eerder beschikbaar was. [bron 1] [bron 2] [bron 3]

Slotlied — Wat Wij Van Morgen Vragen

Na de bronnen sluit de audioproductie af met een Nederlands nederpop-/rapnummer als dank voor deelname aan het surveyblog. Het lied verbindt de antwoorden aan het vervolg: analyse van de resultaten en de ontwikkeling van een positionpaper over wat burgers tijdens een crisis van overheid en instituties verwachten.

Help deze reconstructie verbeteren

Welke informatie, bron, tegenwerping of overweging ontbreekt volgens u nog in deze reconstructie?

Uw antwoord op deze laatste vraag verschijnt openbaar als reactie onder dit artikel. Vermeld daarom geen medische, persoonlijke of andere vertrouwelijke gegevens. Een bron, correctie, tegenargument of ontbrekend perspectief is welkom: het doel is dat deze reconstructie beter wordt wanneer betere informatie beschikbaar komt.

Laat een reactie achter

Uw reactie is welkom. Houd uw bijdrage inhoudelijk, respectvol en relevant voor het onderwerp.
Door een reactie te plaatsen gaat u ermee akkoord dat uw naam, reactie en eventuele website zichtbaar kunnen worden bij dit bericht. Reacties kunnen worden gemodereerd volgens onze richtlijnen.

Scroll naar boven